Advies verzameldecreet MOW II

advies op vraag
Vlaams minister van Mobiliteit en Openbare Werken
Lydia Peeters
Ontwerp van decreet houdende diverse bepalingen over het gemeenschappelijk vervoer, het algemeen mobiliteitsbeleid, de weginfrastructuur en het wegenbeleid, en de waterinfrastructuur en het waterbeleid en houdende een subsidieregeling ter bevordering van een modal shift in het goederenvervoer (Verzameldecreet MOW II)

Op 31 mei 2021 vroeg minister Lydia Peeters de Mobiliteitsraad om advies over het ontwerp van decreet houdende diverse bepalingen over het gemeenschappelijk vervoer, het algemeen mobiliteitsbeleid, de weginfrastructuur en het wegenbeleid, en de waterinfrastructuur en het waterbeleid en houdende een subsidieregeling ter bevordering van een modal shift in het goederenvervoer (Verzameldecreet MOW II).

De MORA stelt vast dat de wijziging aan het Decreet Basisbereikbaarheid, meer bepaald de opheffing van de gemotiveerde afwijking van de Vlaamse Mobiliteitsvisie, bijdraagt aan de steeds verdergaande afbreuk van de afdwingbaarheid van de Vlaamse Mobiliteitsvisie. De gemaakte keuzes omtrent de Mobiliteitsvisie maken de link tussen de visie en de mobiliteitsplannen erg vrijblijvend en leiden volgens de raad tot een versnippering van het beleid, verzwakken de beoogde onderlinge afstemming en houden risico’s in voor de realisatie van de Vlaamse doelstellingen rond o.a. modal shift en verkeersveiligheid. De MORA vreest dan ook dat de link een missing link zal worden.

De MORA vindt het positief dat de Vlaamse Regering een subsidieregeling uitwerkt die gericht is op het bundelen van goederenstromen, zowel de maritieme als de continentale. Omdat de subsidieregeling nog niet is uitgewerkt, geeft de MORA in het advies een aantal aandachtspunten mee opdat deze subsidieregeling maximaal zijn doel kan bereiken.

De raad steunt het proefproject dat de Vlaamse regering wil organiseren omtrent bredere vrachtfietsen. Op basis van zijn ervaringen met andere pilootprojecten formuleert de raad suggesties voor het verder concretiseren van dit project. Een goede monitoring, opvolging en evaluatie zijn al zeker cruciale elementen voor een succesvol proefproject.

De MORA onderschrijft de vrijstelling van retributie voor de ingebruikname van mobipunten op gewestwegen, en vraagt om deze maatregel uit te breiden naar alle mobiliteitsaanbieders op alle mobipunten en naar andere domeinbeheerders, zoals het federale niveau en NMBS/Infrabel.

De raad formuleert geen opmerkingen op de artikels die handelen over de administratieve sancties bij De Lijn, de ondernemingen voor uitzonderlijk vervoer en de handhaving voor openbaar personenvervoer over water.